De blinde vlek van 'Postkoloniaal Nederland'

cover_postkoloniaal_Nederland

Woensdag 02 december 2009 | Mercita Coronel
Voor het eerst is de geschiedenis geschreven van de postkoloniale migrant; de Indische Nederlanders, Molukkers, Surinamers en Antillianen. Postkoloniaal Nederland - Vijfenzestig jaar vergeten, herdenken, verdringen werd niet door iedereen even enthousiast ontvangen.

Gert Oostindie, hoogleraar Universiteit Leiden en directeur KITLV-KNAW, en schrijver van het boek, stelde zich kwetsbaar op door bij de presentatie van 'Postkoloniaal Nederland' op 1 december, 2 wetenschappers commentaar te vragen op zijn boek en leden uit de postkoloniale migrantengroepen uit te nodigen voor een debat over de publicatie. Behalve lofuitingen en de erkenning van het boek als een belangrijk naslagwerk, was de kritiek niet mals.

Postkoloniale bonus
In 'Postkoloniaal Nederland' introduceert Oostindie de term 'postkoloniale bonus'; postkoloniale migranten hebben het voordeel boven andere migranten van de bekendheid met de Nederlandse taal en cultuur en voor alles het voordeel van het juridisch burgerrecht. Deze bonus zorgde ervoor dat de postkoloniale migranten beter konden integreren, maar ook dat zij meer aandacht vroegen voor de postkoloniale geschiedenis, want benadrukten zij: 'Wij zijn hier omdat jullie daar waren'. Van vergeten en verdringen kon dan ook geen sprake zijn. En de overheid kwam aan het aspect herdenken tegemoet door het toestaan van het oprichten van musea, herdenkingsmonumenten en van het vieren van specifieke feestdagen.

Einde van de postkoloniale identiteit
Oostindie kondigt in zijn boek het einde aan van de postkoloniale identiteit en geschiedenis. Door het aangaan van gemengde relaties, verdunt de postkoloniale identiteit zich, waardoor de postkoloniale gemeenschap aan betekenis verliest. De achterban sterft uit en de identiteit van de nieuwe generaties wordt minder bepaald door het postkoloniale element. De band met het land van herkomst verzwakt en de tweede en derde generaties richten zich steeds meer op Nederland. Door deze processen tekent zich het einde van de postkoloniale geschiedenis af, stelt Oostindie: Nederland is postkoloniaal geworden en de postkoloniale minderheden zijn Nederlands geworden. De benoeming van een postkoloniale identiteit is een achterhoedegevecht geworden.

Assimilatie als invalshoek
Ruben Gowricharn, hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Tilburg, was met Paul Scheffer, publicist over de multiculturele samenleving, uitgenodigd om in een lezing zijn commentaar te geven op het boek. Met name Gowricharn was kritisch. De hoogleraar meent dat Oostindie een geschiedenis heeft geschreven over de koloniale migrant die graag wil assimileren en in de mainstream op wil gaan. 'Behalve dat de geschiedenissen van de postkoloniale migrantengroepen niet dezelfde zijn en binnen die groepen ook verschillen bestaan zoals bijvoorbeeld binnen de Surinaamse groep, ben ik niet overtuigd van het interpretatiekader van waaruit dit boek is geschreven. De postkoloniale migrant is ingevoegd in de samenleving, is Nederlander geworden, is "normaal" geworden, schrijft Oostindie. Het impliciete kader van waaruit dit boek is geschreven is die van de voltooide assimilatie.' Gowricharn betwijfelt echter of er sprake is van het verdwijnen van de culturele identiteiten van de postkoloniale migranten en van hun banden met de landen van herkomst. Hij noemt dit de integratieparadox: naarmate men witter wordt, wil men zwarter blijven. Ook het toenemende nationalisme, het 'Wilderisme' zoals Gowricharn het noemt, zorgt ervoor dat migranten uit weeromstuit teruggrijpen naar een eigen culturele identiteit.
WIC


Culturele identiteit

Gowricharn heeft in dat verband moeite met de 'rare' term 'postkoloniale bonus'. Wanneer het gaat over taal- en culturele voordelen voor afgebakende groepen, zou deze term feitelijk voor alle Nederlandse burgers in die tijd moeten gelden, meent de hoogleraar, immers in die tijd vierde de zuilenmaatschappij hoogtij. Die bonus is voor de postkoloniale migranten echter nog niet op, zoals Oostindie stelt, vindt hij, kijk maar naar de onderlinge verschillen en de diverse sociale stratificaties binnen de verschillende groepen. Het zijn juist die onderlinge zowel culturele als etnische verschillen waarom bijvoorbeeld hindoestanen vaak nog met hindoestanen trouwen en ze inderdaad niet per definitie geïnteresseerd zijn in de feestdagen van andere sociaal-culturele groepen, zoals Oostindie hen verwijt. Oostindie maakte een sociologische constructie die niet overeenkomt met de realiteit, meent Gowricharn.

Transnationalisme

De hoogleraar is het bovendien oneens met Oostindie dat het transnationalisme een aflopende zaak is. Juist vanwege de nieuwe technische mogelijkheden en globalisering krijgen de banden met het land van herkomst een nieuwe impuls. 'Etnisering en transnationalisme zijn geen aflopende zaken. Kijk naar de VS waar Japanners en Chinezen hernieuwde belangstelling krijgen voor hun culturele achtergrond. In Nederland zijn het de hindoestanen die naar India kijken. Dat proces verloopt niet lineair maar in golven, laat historische breuken zien.'

Identiteit en politiek
Ook vindt Gowricharn dat er te weinig aandacht in het boek is weggelegd voor de rol die de postkoloniale migranten hebben gespeeld in de erkenning van de postkoloniale geschiedenis. 'Het boek is niet zo complimenteus voor het zelfbeeld van de postkoloniale migranten. Migranten zullen zich niet herkennen in het geschetste beeld. Die erkenning heeft namelijk veel tijd en veel lobbywerk gekost. Veel zaken zijn afgedwongen. Kijk naar de rol die bijvoorbeeld de treinkapingen door de Molukkers heeft gespeeld als katalysator niet alleen voor erkenning van de postkoloniale geschiedenis, maar ook voor het opstellen van een  integratiebeleid.'
Oostindie maakte een politieke constructie waarbij er geen verschil bestaat op groeps- en individueel niveau en tussen de verschillende migrantengroepen, aldus Gowricharn, maar 'identiteit gaat niet om politiek, maar is een behoefte waarin men zich uit'.

Ruben_Gowricharn

De stem van de postkoloniale migrant
Een ander belangrijke kritiek op het boek 'Postkoloniaal Nederland' die niet alleen van Paul Scheffer kwam, maar ook van de panelleden in het debat na de lezingen, zoals van Glenn Helberg van het Overlegorgaan Caribische Nederlanders en van Eddy Cambell van het NiNsee, is dat de stem van de postkoloniale migrant ontbreekt. En daarom alleen al is dit boek niet het eindpunt van de postkoloniale geschiedenis, maar het beginpunt. 'Het wachten is op de postkoloniale migrant die vanuit zijn referentiekader een boek schrijft over de postkoloniale geschiedenis, zodat de beide visies samen in een boek terechtkomen, niet om te polariseren maar om te komen tot een afgewogen waarheid', aldus Helberg.

Molukse_kaper

Foto: Molukse kaper.

Boek: Postkoloniaal Nederland - Vijfenzestig jaar vergeten, herdenken, verdringen - Gert Oostindie
Uitgever: Prometheus/Bert Bakker, ISBN 9789035134973, p. 336, € 25.00
Dit boek is het derde boek en de voorlopige afsluiting van het onderzoeksproject 'Bringing history home: Postcolonial identity politics in the Netherlands'.



meer Achtergrond »
Bron: Wereldjournalisten