Minderheden zélf onmisbaar voor een duurzaam integratiebeleid

Betreft: persbericht ivm plenair overleg intrekking WOM en de herijking van de overlegvorm over het integratiebeleid.  

Den Haag, 6 maart 2013

 

Minister Asscher is voornemens het overleg met samenwerkingsverbanden voor etnische minderheden te beëindigen. Volgens hem past zijn voorstel in zijn nieuwe ‘integratievisie’, waarbij het zogeheten ‘doelgroepenbeleid’ tot het verleden behoort. Hoe de minister nu zonder de actieve hulp van de representatieve samenwerkingsverbanden van het Landelijk Overleg Minderheden (LOM) de doelgroepen van het integratiebeleid gaat vinden en binden, is onbekend. De LOM-organisaties hebben zich juist de afgelopen jaren buitengewoon verdienstelijk gemaakt op de thema’s die Asscher noemt in zijn ‘Agenda Integratie’ en zien zichzelf als strategische samenwerkingspartners.

Dialoog met samenleving, niet met minderheden

De Tweede Kamer gaat woensdagavond 6 maart in debat over de ‘herijking overlegvorm integratie’. Zij wil van de minister weten hoe hij de expertise en het netwerk van de LOM-samenwerkingsverbanden gaat borgen en wat zijn alternatieve overlegvorm zal zijn. In zijn kamerbrief van 5 maart jl. schrijft de minister dat hij ‘sterk hecht aan een actieve dialoog met de samenleving’.  De borging van het betrekken van de belanghebbenden, de minderheden zélf,  is gemarginaliseerd. En daarmee ons inziens ook de zorgvuldige belangenafweging, kwaliteit en draagvlak bij het opstellen van het integratiebeleid.

 

Flexibele en geïnstitutionaliseerde dialoog reeds naast en met elkaar

De minister geeft in de kamerbrief aan dat een ‘flexibele dialoog’ in de plaats komt van het ‘geïnstitutionaliseerde overleg’.  Echter, beide dialoogvormen hebben altijd naast én met elkaar bestaan. Daarnaast heeft het ‘geïnstitutionaliseerde overleg’ altijd een grote mate van flexibiliteit in zich gehad: de LOM-samenwerkingsverbanden hebben nota bene een breed netwerk van deskundigen op diverse terreinen in hun netwerk die zij inzetten voor de dialoog. 

Toekomstige ‘dialoogvormen samenleving’ kopies van functies LOM-samenwerkingsverbanden

De minister noemt drie vormen van dialoog met de samenleving: ten eerste, de oog en oorfunctie (‘antenne’); ten tweede, kennisontwikkeling en informeren/raadplegen (‘kwaliteit’ en ‘draagvlak’); ten derde, inzet sleutelfiguren bij calamiteiten (‘kanalisering’). Laat deze functies van antenne-, kwaliteit-, draagvlak- en kanalisering nu net de functies zijn van de LOM-samenwerkingsverbanden waarop zij zich zo bijzonder onderscheiden. Het is alleen de vraag: wie moet deze functies nu gaan uitoefenen in de toekomst?  

Geen dialoog, geen draagvlak

Beëindiging van de dialoog en de samenwerking met minderheden zélf betekent ons inziens dat het draagvlak voor het integratiebeleid bij de doelgroepen zal verminderen, bijvoorbeeld op terreinen als seksuele diversiteit, eergerelateerd geweld, vaderbetrokkenheid in de opvoeding, grondrechten en de inzet van informele netwerken rondom de zorginstanties. De overheid kan het zicht op individuen, groepen en ontwikkelingen – zoals psychiatrische problematiek, radicalisering, discriminatie of jeugdwerkloosheid - kwijtraken. Hij zal geen gebruik meer kunnen maken van snelle interventies bij maatschappelijke spanningen. Checks and balances voor de overheid verdwijnen. Daar waar onvoldoende bescherming is voor minderheden, daar zullen geen belangenbehartigers meer opstaan die via een dure gang naar de rechter kunnen opkomen voor gelijke grondrechten voor alle burgers in Nederland. Zonder betrokkenheid van de minderheden zélf bij het integratiebeleid, zal Nederland uiteindelijk veel meer geld kwijt zijn aan repressie en armoedebestrijding.

LOM-samenwerkingsverbanden: representatief, professioneel, netwerk

Minister Asscher heeft aangegeven dat hij dialoog met vertegenwoordigers van etnische minderheden ongelofelijk belangrijk blijft vinden. Uit de laatste periodieke representativiteitstoets (2011, Van de Bunt adviseurs) werd geconcludeerd met betrekking tot de LOM-samenwerkingsverbanden, dat “zij door hun achterbannen worden gezien als belangrijk voor de gemeenschap. (…) Zij allen zijn in staat om een netwerk van deskundigen te mobiliseren op de voor de doelgroep relevante thema’s, kennis over de eigen doelgroep te genereren en deze kennis te verspreiden. (…) De inspraakorganen slagen er goed in om de op de relevante thema’s de aangewezen maatschappelijke partners te betrekken. Deze partners geven in de casestudies aan veel waardering te hebben voor de professionaliteit en expertise van de LOM-inspraakorganen. (…) De LOM-samenwerkingspartners weten voor professionele organisaties moeilijk bereikbare groepen te bereiken.”

Strategische partnerschappen

De vooruitstrevende LOM-samenwerkingsverbanden – divers en modern samengesteld uit onder meer jongeren en vrouwen - stellen de minister en de Tweede Kamer voor om in een nieuw jasje een strategisch partnerschap aan te gaan om de Agenda Integratie tot een succes te maken. Een effectief integratiebeleid kan Nederland in de toekomst veel geld opleveren.

Bron: OCAN redactie.