Antilliaanse probleemjongeren gebaat bij minder vrijblijvendheid gemeenten.

Het kabinet blijft de komende jaren "de overlast die door Antilliaans-Nederlandse jongeren wordt veroorzaakt aanpakken". Het beleid, dat afgelopen weekend openbaar werd gemaakt, kent volgens het Overlegorgaan Caribische Nederlanders (OCaN) kansen, zoals de inzet van Antilliaanse coaches en begeleiders voor de probleemjongeren, alsmede het voorlopig loslaten van de controversiële registratie en repressie gebaseerd op etniciteit. Bedreigingen zijn er ook: de Antillianengemeenten moeten volgens OCaN eerst komen met gedegen probleemanalyses en met opvangprogramma's, wat nu nog niet het geval is; daarnaast moeten deze gemeenten de beoogde initiatieven van Antillianen zélf voor positieverbetering van de kansarmen nu eindelijk eens wel serieus nemen. Het kabinet mag de vrijblijvendheid van de gemeenten hierin niet zondermeer accepteren.

Scherpe probleemanalyse Antillianengemeente

"De reguliere instellingen in de zogenaamde 22 Antillianengemeenten moeten toegerust worden met specifieke kennis, ervaring en werkwijzen ten behoeve van de Antilliaans-Nederlandse probleemjongeren", zo is een andere doelstelling van het kabinet. Deze Antillianengemeenten zijn daarvoor eerstverantwoordelijk. Het Rijk ondersteunt de gemeenten; van de Antilliaanse gemeenschap wordt "betrokkenheid en inzet" gevraagd. De Antillianengemeenten ontvangen eenzelfde jaarlijks bedrag van het Rijk zoals de afgelopen vijf jaar het geval was. Voorwaarde is, dat de gemeentelijke plannen een "goede samenhang en coördinatie" kennen. Volgens OCaN is dat laatste wel het minste wat verwacht mag worden van de gemeenten die zich 'Antillianengemeenten' noemen. Binnen de ondersteuningsvoorwaarde van het Rijk ontbreekt ons inziens echter een cruciale schakel dat later een valkuil kan zijn in de uitvoering van de gemeentelijke plannen, te weten: een nulpuntmeting en een scherpe probleemanalyse van de doelgroepen door de gemeente. Hierbij onderschrijven wij dezelfde kernboodschap die de Taskforce Antilliaanse-Nederlanders noemde in zijn advies vorig jaar richting de gemeenten over het effectiever en efficiënter maken van het beleid.

Geen vrijblijvende betrokkenheid Antillianen

Een belangrijk onderdeel van de gemeentelijke plannen betreft de samenwerking met de Antilliaanse gemeenschap, zo schrijft het kabinet. Dat is een uitstekende zaak. Hier bevindt zich echter ons inziens een tweede valkuil. In de gemeentelijke plannen zal slechts worden "aangegeven hoe de professionalisering en ondersteuning van de gemeenschap, en tevens de samenwerking met de Antilliaanse gemeenschap vorm zal krijgen". Deze vrijblijvende zinsnede heeft de afgelopen jaren niet het gewenste resultaat opgeleverd. OCaN pleit ervoor dat rijksmiddelen worden gekoppeld aan een standaard gemeentelijke verordening waarbij de taken, verantwoordelijkheden van - en samenwerking met - de Antilliaanse gemeenschap bij de plannen worden vastgelegd. Op deze manier werkt de niet-vrijblijvendheid aan beide kanten. Tenslotte, in de bijlage van het kabinetsbeleid wordt gesproken over de rijkswet personenverkeer ("ongewenstverklaring"). Het is ons inziens niet ondenkbaar dat een eventuele invoering van de wet gevolgen heeft voor de samenwerking tussen rijk, gemeenten en Antilliaanse gemeenschap.

Een woonplek als voorwaarde voor integratie

De achilleshiel van het voorgestelde kabinetsbeleid is en blijft het ontbreken aan opvang en een woonplek voor jonge, laagopgeleide en kansarme nieuwkomers uit de Nederlandse Antillen en Aruba. Het gebrek aan opvang is een jarenlang probleem dat het land, de gemeente en de Antilliaanse gemeenschap overschrijdt. Een stabiele woonplek de eerste jaren van verblijf maakt ons inziens voor de (laagopgeleide en kansarme) nieuwkomer het verschil tussen een succesvol of mislukt inburgerings- of onderwijstraject, wel of geen arbeidsmarktparticipatie, wel of niet zwerven of overleven op straat, en wel of geen rust en evenwichtige opvoeding voor kinderen in gezinnen. OCaN pleit voor opvang en woonplekken in elke Antillianengemeente met daaraan als tegenprestatie gekoppeld verplichte en op de behoeften van de persoon toegesneden onderwijs- of werktrajecten. Het kabinet dient daarbij een regierol te hebben.

Overleg met de Tweede Kamer

Tijdens een bilateraal overleg met de Minister op 25 augustus jongstleden heeft OCaN bovengenoemde zorgpunten overgebracht. Binnenkort wordt het kabinetsbeleid in de Tweede Kamer besproken. De komende tijd zal OCaN gesprekken voeren met leden van de Tweede Kamer. Onze inzet is: woonplekken en begeleiding voor laagopgeleiden, kansarmen, jongeren en nieuwkomers, opvoedingsondersteuning voor kwetsbare gezinnen, een daadwerkelijk betrokken gemeenschap en een gelijke rechtspositie voor alle Antillianen en Arubanen in Nederland.

 

Noot voor de redactie:

Glenn O. Helberg, voorzitter OCaN, 06-502.91.004, 070-380.33.01 (bureau)

www.ocan.nl

 
Het Overlegorgaan Caribische Nederlanders (OCaN) is de officiële gesprekspartner van de regering inzake integratiethema's van Antillianen en Arubanen in Nederland. OCaN participeert in het Landelijk Overleg Minderhedenbeleid (LOM), voorgezeten door de Minister voor WWI.