Overvallen in Nederland: Antillianen (4e groep) jaar langer vrijheidsstraf

Wat betreft het rapport Overvallen in Nederland (22 nov. 2010, Taskforce Overvallen) in relatie tot Antillianen/Arubanen het volgende bericht. In de media komt soms naar voren dat eenderde van de overvallen in Nederland worden gepleegd door Antillianen/Arubanen. Uit het rapport blijkt dat het voor het jaar 2008 om 7,5% van het totaal gaat.. (de vierde groep in absolute zin, na Nederlanders, Marokkanen, Surinamers). Opmerkelijke passage is dat de gemiddelde duur van de vrijheidsstraf bij veroordeelden uit de Antillen een jaar langer is dan bij veroordeelden in Nederland.

Overvallen in Nederland (Moors e.a., Tilburg, 2010) bevat een analyse van zowel het fenomeen van de overvallen als van de beleidsmatige reactie op deze ernstige vorm van criminaliteit. Welke getalsmatige evolutie heeft dit probleem sinds 2000 doorgemaakt? Zijn de geografische patronen en de operationele kenmerken van de overvallen in het voorbije decennium veranderd? Wat is de achtergrond van de daders en wat is bekend van hun persoon(lijkheid)? Zie http://www.iva.nl/IVA_Publicaties/Overvallen_in_Nederland__Een_fenomeenanalyse_en_evaluatie_van_de_aanpak.aspx?objectname=IvaPublicationShow&objectId=1629&pgeId=234

Passages met betrekking tot Caribische Nederlanders

Surinaamse en Antilliaanse overvallers blijken reislustiger dan overvallers met andere culturele achtergronden, 33 tot 35% van deze verdachten pleegt de overval buiten de eigen regio (het gemiddelde is 25%). Eerstegeneratie-immigranten blijken mobieler dan tweedegeneratie-immigranten. (p46-47). (…)

Hiervoor zagen we al dat Surinaamse en Antilliaanse verdachten mobieler blijken (d.w.z. vaker bovenregionaal opereren) dan andere dadergroepen. Vanuit het perspectief van de overvaller zal het overgrote deel daarom een ‘lokaal’ karakter hebben, dat wil zeggen de overvallen vinden plaats in de routineomgeving van (een van) de betrokkene(n). (…)

In figuur 15 zijn de vijf meest voorkomende etniciteiten onder de verdachten van overvallen weergegeven (in de afgelopen 10 jaar). We zien hier dus dat de Nederlandse verdachten de grootste groep vormen met gemiddeld 32%, daarna volgen de Marokkaanse (18%), Surinaamse (13%), Antilliaanse (9%) en Turkse (6%) verdachten. (…)

Als we kijken naar ontwikkelingen in de tijd, zien we dat het aandeel Nederlandse verdachten heel licht daalt, dat het aandeel Marokkaanse verdachten na enkele jaren vanaf 2004 weer op een hoger niveau is komen liggen. Bij de verdachten van Surinaamse, Antilliaanse en Turkse afkomst zijn geen belangrijke wijzigingen opgetreden. (…)

In de respons van respondenten (van zowel politie als bedrijfsleven) wordt opvallend vaak melding gemaakt van bewijsgedrag, groepsstatus en prestige in de groep als motieven die een rol spelen bij het plegen van een overval. Zo meldt een overvalcoördinator uit het oosten van het land bijvoorbeeld: ‘een recent aangehouden Antilliaanse dader van een overval waarbij veel geweld werd gebruikt is zichtbaar (website) gestegen naar het niveau van first class soldier binnen zijn groep.’ Dergelijke observaties zijn meer gedaan. Motieven op dit vlak kunnen mogelijk ook een verklaring bieden voor het soms excessieve geweld dat ten opzichte van slachtoffers wordt gebruikt. (…)

Veroordeelden die in het buitenland zijn geboren, krijgen over de breedte ook hogere straffen opgelegd dan veroordeelden die in Nederland zijn geboren. Meest in het oog springend zijn hierbij

de veroordeelden van de Antillen, bij deze groep bedraagt de gemiddelde duur van de vrijheidsstraf circa 1060 dagen, gemiddeld een jaar langer dan bij veroordeelden die in Nederland zijn geboren (gemiddeld ruim 2 jaar). (…)

Belangrijkste succesfactor is derhalve de bereidheid om op het delict overvallen te investeren. Dat dient bovendien blijvend te gebeuren. De opschalingsreflex die de politie in de regio Rotterdam-Rijnmond kenmerkt, is kwetsbaar in de zin dat er gezien het capaciteitsbeslag nauwelijks een mogelijkheid is om expertiseopbouw te organiseren en te borgen. Opmerkelijk in dat verband is het in 2005 opgerichte Antillianenteam Pagang. Wat ooit was bedoeld als een tijdelijk team van specialisten om de overlast door Antillianen in Rotterdam-Rijnmond aan te pakken, is uitgegroeid tot een geïnstitutionaliseerd teamverband bestaande uit een projectleider, twee coördinatoren, een analist en een vijftiental rechercheurs, waarvan er vijf permanent in het team zitten en er tien in beginsel elk half jaar wisselen. Het team heeft constant dertig tot zestig zaken onder zijn hoede. Het team functioneert niet alleen als een succesvol opsporingsinstrument, maar ook als leerschool voor minder ervaren rechercheurs. Hoewel het team ook TGO’s doet, functioneert het daarbuiten in feite als een TGO. De projectleider beslist over de prioritering. Het team bouwt expertise op en is succesvol in de aanpak. Het ophelderingspercentage (nu in Rotterdam-Rijnmond tussen de 24% en 27%) loopt binnen de TGO-structuur met circa 10 procentpunten op.

Verdachten naar etniciteit (absoluut en % per jaar)

2000

2001

2002

2003

2004

2005

2006

2007

2008

totaal

Nederland

253

265

338

269

271

270

230

247

238

2.381

 

30,7%

35,1%

37,9%

33,0%

29,4%

31,3%

29,4%

31,0%

33,2%

32,3%

Antillen / Aruba

82

54

78

61

71

87

78

83

54

648

 

10%

7,2%

8,8%

7,5%

7,7%

10,1%

10,0%

10,4%

7,5%

8,8%

Totaal

823

754

891

815

922

864

783

798

717

7.367

100%

100%

100%

100%

100%

100%

100%

100%

100%

100%

 

 * Op basis van geboorteland en nationaliteit.

Verdachten naar etniciteit (absoluut en % per jaar)

 

2008

Totaal 2000 - 2008

Nederland

238

2381

 

33,2%

32,3%

Turkije

47

437

 

6,6%

5,9%

Suriname

90

941

 

12,6%

12,8%

Antillen/Aruba

54

648

 

7,5%

8,8%

Marokko

156

1338

 

21,8%

18,2%

totaal

717

7.367

 

100%

100%

 

* Op basis van geboorteland en nationaliteit.

Ingeschreven zaken bij het OM naar geboorteland van verdachte (absoluut en % per jaar)

 

2009

Totaal 2000 - 2009

Nederland

362

3079

 

73,4%

62,2%

Turkije

10

171

 

2%

3,5%

Suriname

18

295

 

3,7%

6,0%

Antillen/Aruba

11

275

 

2,2%

5,6%

Marokko

24

315

 

4,9%

6,4%

totaal

493

4.948

 

100%

100%

Het rapport is te downloaden via: http://www.iva.nl/uploads/documents/258.pdf   

Bron: OCaN redactie.